inversie (foutieve-),
Tante Betjestijl
Onder inversie verstaan we omdraaiing van de volgorde onderwerp + persoonsvorm in persoonsvorm + onderwerp.
De volgorde P + O komt voor bij vraagzinnen en wanneer de zin met een ander zinsdeel (A) begint dan het onderwerp.
Er zijn dus drie mogelijkheden:
1. O + P (+A) : Wij komen (morgen).
2. P + O (+) : Komen jullie (morgen)?
3. A + P + O : Morgen komen we.
INVERSIE IS FOUT, WANNEER ER IN EEN NIET-VRAAGZIN VOOR DE PERSOONSVORM GEEN ANDER ZINSDEEL STAAT.
- Mijn Engels heb ik al gemaakt en begin ik nu aan mijn wiskunde.
- Wij hopen dat u belangstelling hebt voor deze aanbieding en sturen we u hierbij een proefexemplaar.
- De eerste opdracht is volbracht en lijkt het geen probleem de tweede met succes uit te voeren.
Goed is de volgende zin:
- Morgen heb ik meer tijd en zal ik je met je huiswerk helpen.
- Vóór zal ik kan je het zinsdeel 'morgen' denken; dat zinsdeel is samengetrokken,d.w.z. dat je het
wél voor 'zal ik' kunt plaatsen.